Genetische modificatie is een onderwerp dat veel mensen tegelijk nieuwsgierig en onzeker maakt. Want wat betekent het eigenlijk als wetenschappers het erfelijk materiaal van een plant, dier of mens aanpassen? En hoe ver gaat dat precies? De techniek bestaat al enkele decennia, maar de mogelijkheden groeien snel. Steeds vaker duikt het onderwerp op in het nieuws, in ziekenhuizen en op boerderijen. Het is dus de moeite waard om te begrijpen wat er precies gebeurt als iemand aan genen sleutelt.
Wat er in elke cel gebeurt
In bijna elke cel van je lichaam liggen chromosomen. Dat zijn kleine structuren die bestaan uit DNA, een lange keten van chemische bouwstenen. Die bouwstenen vormen samen een soort code. Stukjes van die code heten genen. Elk gen bevat informatie over een bepaald kenmerk, zoals de kleur van je ogen of hoe je lichaam een bepaald eiwit aanmaakt. Bij mensen bevat elk chromosomenpaar samen tienduizenden genen. Al die informatie bij elkaar heet het genoom. Bij erfelijkheidsonderzoek kijken artsen naar afwijkingen in dat genoom, om te zien of iemand een verhoogd risico heeft op een bepaalde ziekte. Dat geeft een idee van hoe groot de invloed van genen op ons leven is.
Hoe wetenschappers genen aanpassen
Bij het aanpassen van erfelijk materiaal gebruiken wetenschappers speciale gereedschappen om een stukje DNA te vinden, te knippen en eventueel te vervangen. De bekendste techniek heet CRISPR-Cas9. Dit systeem werkt een beetje als een tekstverwerker voor DNA: het zoekt een specifieke plek in de genetische code en maakt daar een kleine snede. Daarna kan het lichaam die snede zelf herstellen, of wetenschappers voegen een nieuw stukje code in. Deze aanpak wordt gebruikt bij het ontwikkelen van nieuwe medicijnen, bij het bestuderen van ziekten en bij het kweken van gewassen die beter bestand zijn tegen droogte of ziektes. De techniek is nauwkeurig, maar niet foutloos. Soms zijn er onbedoelde veranderingen op andere plekken in het DNA, wat onderzoekers voorzichtig maakt.
Toepassingen in de geneeskunde en landbouw
Een bekend voorbeeld uit de landbouw is de zogeheten gouden rijst. Die rijstsoort is zo aangepast dat hij meer vitamine A aanmaakt, wat nuttig kan zijn in gebieden waar mensen tekorten hebben. In de geneeskunde worden gentherapieën ontwikkeld voor ziekten als sikkelcelanemie en bepaalde vormen van kanker. Daarbij brengen artsen een aangepast gen in de cellen van een patiënt, zodat die cellen beter gaan werken. Er zijn al patiënten die dankzij zo’n behandeling bijna geen klachten meer hebben. Tegelijk kijken onderzoekers naar erfelijke aandoeningen die ontstaan doordat één gen niet goed werkt. Door dat gen aan te passen in een vroeg stadium, hopen ze de ziekte te voorkomen in plaats van alleen te behandelen.
De ethische kant van het aanpassen van genen
Niet iedereen is enthousiast over de mogelijkheden van genoombewerking. Een groot punt van discussie is het aanpassen van embryo’s. Als je een gen verandert in een bevruchte eicel, dan draagt elk kind dat uit die cel groeit die verandering mee, en later ook diens kinderen. Dat soort aanpassingen heet kiembaanmodificatie. In de meeste landen is dit verboden of streng gereguleerd. In 2018 zorgde een Chinese wetenschapper voor wereldwijde ophef toen hij aankondigde twee baby’s te hebben geschapen met een aangepast gen. De wetenschappelijke gemeenschap reageerde verontwaardigd, omdat de risico’s onvoldoende onderzocht waren en de handeling niet was goedgekeurd. Buiten de menselijke toepassing speelt ook de vraag of het verstandig is om wilde diersoorten genetisch te veranderen om ziekten te bestrijden, zoals muggen die malaria verspreiden. De bezwaren gaan niet alleen over veiligheid, maar ook over de vraag wie er mag beslissen over zulke ingrijpende veranderingen in de natuur.
Veelgestelde vragen
Is genetisch gemodificeerd voedsel gevaarlijk voor je gezondheid?
Genetisch gemodificeerd voedsel is in Europa uitgebreid getest voordat het op de markt komt. Tot nu toe is er geen wetenschappelijk bewijs dat zulk voedsel schadelijk is voor de gezondheid. Grote organisaties zoals de Wereldgezondheidsorganisatie concluderen dat goedgekeurde ggo-producten even veilig zijn als gewone producten. Toch blijft er maatschappelijke discussie, onder andere over gevolgen op lange termijn en de invloed op het ecosysteem.
Wat is het verschil tussen een gen en een chromosoom?
Een chromosoom is een grote structuur in de cel die bestaat uit opgerold DNA. Een gen is een klein stukje van dat DNA met een specifieke functie, zoals het aansturen van de aanmaak van een eiwit. In één chromosoom zitten honderden tot duizenden genen. Je kunt een chromosoom zien als een heel boek, en een gen als één zin daarin.
Kunnen mensen straks zelf kiezen welke eigenschappen hun kind krijgt?
Het idee van het bewust kiezen van eigenschappen bij een toekomstig kind heet ook wel “designerbaby”. In theorie biedt de techniek die mogelijkheid, maar in de praktijk is het veel ingewikkelder. De meeste eigenschappen, zoals intelligentie of karakter, worden bepaald door honderden genen tegelijk en ook door de omgeving. Bovendien is het aanpassen van embryo’s in de meeste landen verboden vanwege ethische en medische bezwaren.
Wat is het verschil tussen gentherapie en genetische modificatie?
Gentherapie is een medische behandeling waarbij een gen in de lichaamscellen van een bestaande patiënt wordt aangepast om een ziekte te behandelen. Die verandering wordt niet doorgegeven aan volgende generaties. Genetische modificatie is een bredere term die ook het aanpassen van planten, dieren en micro-organismen omvat, en kan in sommige gevallen wel erfelijk zijn.


